HR Transfer Blog

Naar de welzijnsorganisatie?

Pas gelezen: Nederland moet zich volgens de Partij voor de Dieren richten op ‘een welzijnseconomie die binnen de draagkracht van de aarde blijft’. 1 Hoewel de Partij voor de Dieren evenmin als de SP mijn partij is (zie mijn vorige blog: De ROEMER-Richtlijn, verplicht voor alle relevante organisaties), moet ik bekennen dat deze ambitie mij aanspreekt. Het verschil tussen het primair, zo niet volledig, focussen op welvaart enerzijds en het oprecht serieus nemen van welzijn anderzijds is goed door te trekken naar het HR beleid in organisaties.

Nu is dat beleid, de woordenpraal ten spijt, in nagenoeg alle organisaties dienend aan de doelstellingen van de organisatie, die variëren van ‘continuïteit van de organisatie’ tot ‘het liefst ruimschoots realiseren van de beoogde resultaten’. 2 Dat gaat dus om ‘welvaart’: het is het welbevinden dat is gerelateerd aan het materiële perspectief. Bij ‘welzijn’ wordt het welbevinden verbonden met immateriële zaken, zoals arbeidsvoldoening, zelfontplooiing, de balans tussen werken, vrije tijd en vrijheid.

Zeker, een bepaalde mate van welvaart is in mijn ogen noodzakelijk voor welzijn. Maar is het niet zo onderhand tijd om het streven naar ‘meer, meer en nog eens meer’ te heroverwegen? En dan niet met alleen met fraaie woorden!

De Partij voor de Dieren onderschat misschien het belang van een zekere mate van welvaart, maar heeft wat mij betreft echt een punt wanneer zij stelt dat wij eigenlijk ‘met steeds minder menskracht alles kunnen produceren en organiseren wat we nodig hebben’ terwijl onze economie zo is ingericht dat ‘productie en consumptie moeten maar blijven groeien, los van de vraag of mensen daar behoefte aan hebben’. Het is een sympathieke gedachte om dit ter discussie te stellen. De HR Professional mag in dit opzicht op de kleinere schaal van zijn/haar organisatie gerust wat meer tegenwicht bieden aan de gangbare strategische opvattingen en modellen die door het management voorop worden gesteld.